![]()
Oppervlakkige lymfklierverwijdering lies
![]()
Bij deze patient is na een vroegere operatie voor een melanoom aan het rechter been een uitzaaiing opgetreden in de lies. Er zijn geen aanwijzingen dat er verder nog uitzaaiingen zijn en daarom wordt besloten tot een ruime verwijdering van al het vetweefsel in de lies waarin zich de lymfklier met de uitzaaiing bevindt en ook andere lymfklieren.
Gelukkig blijkt bij het microscopisch onderzoek van het verwijderde weefsel dat er behalve de bekende uitzaaiing geen andere klieren zijn aangetast.
Een reep huid wordt samen met het onderliggende vetweefsel en daarin de lymfklieren losgemaakt van de omgeving (1,2). Vervolgens wordt dit verwijderd opgestuurd voor microscopisch onderzoek (3).
De resterende wond in de rechter lies na verwijdering van het weefsel met een detail met daarop duidelijk zichtbaar de spieren en een bloedvat (4,5).
Het defect kan meestal wel weer worden gesloten. Soms treedt een plaatselijke ophoping op van lymfevocht of blijft gedurende enige weken een klein gaatje bestaan waaruit helder (lymfe)vocht komt. Op den duur zal dit herstellen. Het dragen van een elastische kous na een dergelijke ingreep is meestal noodzakelijk aangezien de afvoer van lymfevocht uit het been uiteraard verstoord is door het verwijderen van de lymfklieren. In dit voorbeeld is sprake van een oppervlakkige lymfklierverwijdering. Het is ook mogelijk dat nog op een dieper niveau in de lies en het bekken de klieren moeten worden verwijderd en dan zijn de nadelige effecten zoals kans op een dik been uiteraard nog groter. (zie ook folder lymfoedeem)
![]()