De ziekenhuisopname

Opnameduur

De opnameduur is afhankelijk van de ingreep die gedaan wordt en van uw persoonlijke situatie. Overleg met de chirurg of verpleegkundige hoe lang uw opname ongeveer zal duren. Om u een indicatie te geven:

Borstsparende operatie met schildwachtklierprocedure: dagopname- 1 nacht.
Borst amputatie met schildwachtklierprocedure: 1-2 nachten
Operatie met okselkliertoilet: 1-2 nachten . Ook is het mogelijk om na 1 nacht met drain naar huis te gaan; deze wordt dan de volgende dag op de polikliniek verwijderd.  

Preoperatief gesprek met nurse practitioner (NP) mammacare of
mammacareverpleegkundige

Tijdens dit gesprek met één van beiden wordt u verder geïnformeerd over de operatie en heeft u de gelegenheid om alle vragen te stellen.

Hierbij komen o.a. de volgende punten aan de orde:

  • de keuze borstsparend of amputatie
  • operatie en opnameduur
  • prothese-informatie
  • vervolgtraject en eventuele nabehandelingen
  • thuissituatie 
  • eventueel inschakelen hulpverleners zoals: thuiszorg, medisch maatschappelijk werk, psychische hulpwetenschappelijk onderzoek (research)

Dit gesprek wordt genoteerd in het verpleegkundig dossier, dat ook tijdens de opname wordt bijgehouden. U wordt geïnformeerd over het verwachtte tijdstip van operatie en terugkomst op de afdeling. 

De preop-poli

Tijdens een polikliniekbezoek kort voor uw opname spreekt u een aantal hulpverleners. Hieronder staat aangegeven wie dat zijn en wat zij met u bespreken:

De anesthesist:

Voorafgaande aan de operatie krijgt u via de anesthesist informatie over:

  • methode en de wijze waarop de narcose wordt uitgevoerd
  • pijnbestrijding na de operatie
  • verlichtingsmogelijkheden bij misselijkheid
  • de anesthesist beoordeelt uw algehele conditie aan de hand van een vragenlijst.

Verschillende aanvullende disciplines

Tijdens de opname krijgt u informatie en instructies van verschillende zorgverleners. Wanneer zij precies langs komen is niet van te voren te zeggen, omdat dit sterk afhangt van de dagen die u bent opgenomen.

Een van de  mammacare verpleegkundigen komt bij u langs.U kunt bij haar terecht voor alle vragen t.a.v de opname, de nazorg en het vervolgtraject.

De transferverpleegkundige komt eventueel bij u langs om afspraken te maken over de thuiszorg. Zij laat u weten of voor u hulp geïndiceerd is en zo ja wanneer precies de wijkverpleegkundige bij u thuis komt.

Dag 1. De opnamedag

De chirurg

Aan uw eigen specialist kunt u nog resterende vragen kwijt, bijvoorbeeld over:

de duur van de operatie; waar sneden worden gemaakt; het aantal drains, de termijn en de manier waarop drains worden verwijderd. Drains zijn slangetjes die tijdens de operatie worden aangebracht om het overtollige wondvocht af te voeren, wat opgevangen wordt in een flesje; het weefselonderzoek, de schildwachtklierprocedure en het okselkliertoilet.

Dag2. De operatiedag

Als u voor de schildwachtklier operatie in aanmerking kom zal eerst nog een nucleaire scan worden vervaardigd. Zie hiervoor het hoofdstuk ’Operatie voor borstkanker’.

Vervolgens neemt de verpleegkundige uw bloeddruk, temperatuur en hartslag op en kunt u de operatiekleding aantrekken. Als het tijd is, brengt de verpleegkundige u naar de operatie-afdeling. Hier wordt u opgevangen door de anesthesieverpleegkundige die tijdens de operatie bij u blijft. Na de toediening van de medicatie door de anesthesist op de operatiekamer wordt u loom en slaperig.

Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer. Een verpleegkundige van de afdeling haalt u op en brengt u terug naar de afdeling waar de wond, de drain(s) en het infuus worden gecontroleerd en uw bloeddruk wordt opgemeten.

Om ervoor te zorgen dat uw arm zo prettig mogelijk ligt, wordt er zo nodig een kussen onder uw geopereerde arm gelegd. Na de operatieof de volgende dag, als u een beetje bent bijgekomen, komt de arts-assistent of een chirurg bij u langs en vertelt hoe de operatie is gegaan.

Om bloed en wondvocht weg te zuigen worden vaak één of twee dunne slangetjes (drains) in het operatiegebied aangebracht. De drain in de borstwond wordt de volgende ochtend  verwijderd. Dit is nagenoeg pijnloos. De drain in de okselholte mag na 24 uur verwijderd worden.

Dag 3 en verder

Indien nodig wordt 's morgens bloed geprikt om te controleren hoeveel bloed u heeft verloren. Het kan zijn dat u via het infuus bloed krijgt toegediend. Heeft u geen bloed nodig, dan wordt het infuus in de loop van de dag verwijderd als u zich goed voelt en niet misselijk bent. Na de visite van de chirurg zal indien nodig een verpleegkundige u helpen met wassen.

Er komt een moment dat de verpleegkundige u vraagt of u wilt dat het verband er af gaat of dat het nog even moet blijven zitten. Als het verband er af gaat dan kan dat een emotioneel moment voor u zijn, want dit is de eerste confrontatie met de wond en de beschadiging van uw lichaam. Ook kunt u schrikken doordat het wondgebied er minder mooi uit ziet door bloeduitstortingen, vochtophoping en hechtingen. Dit zal in de loop van de weken wegtrekken. Laat uw emoties de vrije loop, dat kan u opluchten en goed doen. De verpleegkundige verbindt de wond en de drain insteekplaatsen. Zij neemt de instructies van de wondverzorging en eventueel de drains met u door, liefst met een naaste erbij.

Als u een borstamputatie heeft ondergaan en u wilt een voorlopige prothese dragen, dan meet een verpleegkundige samen met u een voorlopige prothese aan. U krijgt de voorlopige prothese mee naar huis. Tevens ontvangt u informatie over de definitieve prothese en een machtiging voor de aanschaf van deze prothese, die u bij de prothesespecialist dient af te geven.

Met wonddrain naar huis

Indien nodig gaat u in overleg met de chirurg en NP-mammacare met drain naar huis. Mocht u thuis problemen hebben met de wond of andere zaken dan kunt u altijd contact met de verpleegkundigen op de afdeling of kliniek opnemen. Het telefoonnummer vindt u achterin het boekje (zie verder instructie met wonddrain naar huis).

Seroomvochtpunctie

Nadat de drain(s) is/zijn verwijderd is het mogelijk dat de vochtproductie onder de oksel weer op gang komt. Het vocht moet weer op een natuurlijke manier zijn weg gaan vinden. Dat kan even duren en er kan dan een vochtophoping ontstaan. Heeft u last van deze vochtophoping, neem dan contact op met de polikliniekassistente van de chirurg in het ziekenhuis. Als het nodig is, wordt het vocht weggenomen met een spuit en naald (punctie). Er zal dezelfde of de volgende dag door de behandelend chirurg of een collega gepuncteerd worden. Deze punctie is meestal niet pijnlijk omdat de huid nog ongevoelig is. Deze seroomvorming kan tot ongeveer vier weken na de operatie voorkomen. U mag altijd bellen indien de vochtproductie teveel is geworden.

Armfunctie

Door de operatie is de arm aan de kant van de geopereerde borst iets stijf geworden. Is bij u een okselkliertoilet verricht, dan wordt een poliklinische controle bij de fysiotherapie van het Waterlandziekenhuis ongeveer een tot twee weken na ontslag voor u geregeld. Een week na de operatie krijgt u een polikliniekafspraak bij de fysiotherapeut/oedeemtherapeut. Zij bespreekt met u de gevolgen van de operatie voor het functioneren van uw arm en neemt een aantal oefeningen met u door. Ook de lymfoedeempreventie komt aan bod.

U wordt door de fysiotherapeut geadviseerd uw arm te oefenen. Het is van belang dat u de armoefeningen die u in het ziekenhuis leert, thuis voortzet. Probeer een tot vier keer per dag te oefenen. Forceer u zelf niet. Meestal is de functie van de arm en de schouder na enige maanden weer vrijwel normaal. 

Herstel van de wond

Om lymfeklieren in de oksel weg te kunnen halen is een aantal kleine huidzenuwen doorgesneden. Hierdoor zijn er, in de huid langs de wondranden en in de bovenarm, gebieden ontstaan waar een vreemd, weinig of geen gevoel meer is. Dit gebied wordt na verloop van tijd steeds kleiner en het gevoel komt deels weer terug. Het vreemde gevoel kan blijven bestaan. De plek rond de wond zal enigszins verkleurd of gezwollen zijn, maar dat trekt weg. Dit kan wel een jaar duren. Let bij de genezing op tekenen van infectie, zoals roodheid, zwelling, warmte en pijn. Bemerkt u één van deze tekenen of krijgt u koorts dan moet u direct een afspraak met uw huisarts, nurse practitioner mammacare of de chirurg maken.

Poliklinische afspraken

Ongeveer 7 tot 14 dagen na de operatie heeft u op de polikliniek een afspraak met de chirurg. Hij/zij vertelt u de definitieve uitslag (PA-uitslag) van het weefselonderzoek van de borst en de lymfeklieren. Hij/zij zal u uitleggen of u nabehandeld moet worden. Daarnaast zal hij/zij vragen of u vragen heeft en of u hulp bij het verwerkingsproces nodig heeft. Heeft u behoefte aan emotionele ondersteuning, dan zal NP mammacare of de specialist u verwijzen.

Ongeveer een week later staat een afspraak bij de internist-oncoloog gepland. Hij/zij zal u de eventuele nabehandeling uitleggen en afspraken hierover maken. U zult voor verdere uitleg hiervan verwezen worden naar de nursepractitioner oncologie.

Ook als bij u geen nabehandeling noodzakelijk is, gaat u alsnog naar de internist-oncoloog omdat deze u, samen met de chirurg, onder controle zal houden.

De NP-mammacare coördineert de zorg en zal er mede op toezien dat naast de medische zorg, aanvullende zorg op maat geregeld wordt. Ook in de follow-up speelt de NP-mammacare een belangrijke rol.­