Kies maar een droom uit

'Kiest u maar een mooie droom uit' zegt de anesthesist of anesthesiemedewerker tegen mijn patienten vlak voor ze in slaap gemaakt worden. 

In deze dagen vlak voor de verkiezingen (voor gemeenteraden, provinciale staten, de Eerste Kamer, de Tweede Kamer, het Europees Parlement en de waterschappen) komt veel retoriek op ons af met allerlei beloften. Hierbij moet ik geregeld aan het bovengenoemde advies van de anesthesie denken.

Is het naar de stembus gaan eigenlijk niet net zoiets: we kiezen in feite voor de meest aansprekende droom die ons is voorgeschoteld want met de realiteit heeft het vaak niet veel te maken. In het compromis dat door de politieke partijen gesloten moet worden bij de formatie is de oorspronkelijke droom nauwelijks meer terug te vinden.

Net zo vergaat het de patient: na de operatie en de eventuele mooie droom is de werkelijkheid er weer: wondpijn! Met pilletjes en pleisters proberen we dat nog wel wat te verzachten, maar de droom is over....

P. Heres

Opvlammen of uitdoven

Uit Ok nieuws, 14 december 2016, dr Poortman
http://oknieuws.nl/opvlammen-of-uitdoven-pieter-poortman-chirurg 

Onlangs ging op de IDFA de documentaire ‘Burning Out’ in premiere.  De film laat de teloorgang zien van een operatieafdeling van een ziekenhuis in het hart van Parijs.  De documentairemaker mocht twee jaar lang meelopen op de operatiekamers en laat de conflicten zien die er ontstaan als het management het contact met de werkvloer kwijtraakt. Op papier zouden er voldoende personeel en middelen moeten zijn om het operatieprogramma dagelijks soepel te laten verlopen, in de praktijk blijkt dit echter niet het geval en lopen de conflicten hoog op. Het personeel moet dagelijks onder hoge druk topprestaties leveren zonder dat het gefaciliteerd en gemotiveerd wordt door de leiding. Geleidelijk aan zie je chirurgen en anesthesisten steeds meer met elkaar ruzie maken waarbij met name schijnbaar tegenstrijdige belangen uitvergroot  en uitgevochten worden.

De crux van het probleem is dat er met net te weinig personeel in net te weinig tijd teveel operaties verricht moeten worden wat dagelijks leidt tot conflicten en frustraties. De arbeidsvreugde vloeit weg van de operatieafdeling en een zekere apathie maakt zich meester van het personeel. De bekende vicieuze cirkel ontstaat en de eerste tekenen van een burning out bij een aantal chirurgen en anesthesisten worden zichtbaar. Het management ziet het gebeuren en laat een audit houden.  Na maanden van onderzoek is de conclusie dat het allemaal wat efficiënter zou kunnen en dat er in ieder geval op tijd begonnen moet worden met de operaties. Het management is dan nog steeds niet op de operatieafdeling zelf geweest om eens poolshoogte te nemen, de conclusies zijn met name tot stand gekomen na analyses van spreadsheets en xcel files.

Uiteraard dient zich de vraag aan of we in Nederland met dezelfde problemen kampen. Nieuwsuur besteedde aandacht aan de documentaire en interviewde een chirurg en een uroloog met de vraag of zij zich herkenden in de documentaire. En ja, er waren wel parallellen te trekken. Ook in Nederland wordt er in de ziekenhuizen fors bezuinigd. De ziektekostenverzekeraars hebben van de politiek het mandaat gekregen om de kosten in de zorg te beteugelen met het argument dat als het zo door gaat de zorg in de toekomst niet meer betaalbaar is. In de onderhandelingen met de ziekenhuizen  proberen de verzekeraars steeds meer het marktdenken te introduceren waarbij er voor minder geld er meer prestaties geleverd moeten worden. Het rendementsdenken heeft ook in de zorg zijn intrede gedaan, de patiënt is te vergelijken met een mobiele telefoon of een auto, hoe meer je ervan produceert hoe goedkoper het product.

Geleidelijk aan hebben technocraten de leiding gekregen in ziekenhuizen en wordt er vanaf xcel sheets en spreadsheets beleid gemaakt. Als er onderaan de streep maar een positief saldo overblijft. Dat laatste is overigens ook wel heel begrijpelijk maar kostenbesparingen mogen nooit ten koste gaan van de kwaliteit en de veiligheid. Ook ziekenhuisbestuurders moeten op gegeven moment aan de verzekeraars duidelijk maken dat de verregaande bezuinigingen in de zorg hun grens bereikt hebben. Uit onderzoek is gebleken dat in veel Nederlandse ziekenhuizen de werkdruk als zeer hoog wordt ervaren en burning out verschijnselen onder artsen meer voorkomen dan onder andere beroepsgroepen. Juist ook op de operatiekamers worden onder soms hoge druk grote prestaties geleverd waarbij er het uiterste gevergd wordt van het personeel. Als je dan met net te weinig mensen in kortere tijd meer productie moet leveren kan dat wel even goed gaan maar op gegeven moment raken mensen toch gefrustreerd. Juist in de huidige tijd is er veel aandacht voor het ‘fit to perform’ en het is ook de verantwoordelijkheid van de ziekenhuisbestuurders om dit in de gaten te houden. Dit is niet af te lezen aan de xcel files en de spreadsheets, daarvoor moet je in gesprek gaan met de mensen die dagelijks op de werkvloer de zorg leveren waarvoor een ziekenhuis bedoeld is.

De documentaire ‘Burning Out’ zou je samen moeten gaan bekijken met het personeel van de operatiekamers en de mensen van het management. Het kan een mooi gesprek opleveren over onze diepste beweegredenen om in de zorg te werken en de voorwaarden die ervoor nodig zijn om goede zorg te kunnen leveren.

Vitaliteit

Een blog van dr Poortman in OK nieuws:

Soms heb je echt behoefte aan vakantie.  De laatste weken voordat het zover is heb je door de minimale zomerbezetting meer diensten gedaan dan goed voor je was, je hebt een paar nachten doorgewerkt die je niet kon compenseren en een conflict met een collega leek te zijn uitgesproken maar sluimerde toch weer door. Dan is er eindelijk het moment dat je je werk achter je kan laten en van je welverdiende rust kunt genieten.

In de zorg wordt hard gewerkt. En dat niet alleen, er wordt met hart en ziel gewerkt, consciëntieus en met passie. Dat kan ook niet anders, we werken met kwetsbare, zieke mensen die van ons afhankelijk zijn en daarmee dragen we grote verantwoordelijkheden. Om dat vol te kunnen houden op een hoog niveau is het van belang dat je je eigen vitaliteit scherp in de gaten houdt. Want hoe zou je goed voor anderen kunnen zorgen als je niet goed voor jezelf zorgt?

In de zorg is daar wel een soort van aandacht voor. Als je een bepaalde leeftijd bereikt hebt kun je een beroep doen op bepaalde regelingen waardoor je wat meer mag compenseren dan je jongere collegae. Kennelijk heb je op een bepaalde leeftijd meer tijd nodig om te herstellen van het zware werk. Maar vitaliteit heeft niet alleen met leeftijd te maken, er zijn zoveel meer factoren die ervoor kunnen zorgen dat je meer of minder optimaal functioneert. Uiteraard ben je daar vooral zelf verantwoordelijk voor maar het zou fijn zijn als je in een omgeving werkt waar ook de werkgever oog heeft voor je ‘energie’. Er zijn genoeg bedrijven die in de kelder of op zolder een fitnesscentrum hebben, fietsplannen sponsoren, mindfullnesstrainingen organiseren en gezond eten serveren in de bedrijfskantine. Maar hoe is dat eigenlijk in onze ziekenhuizen? En wat doen we zelf? Wat eten we, hoeveel bewegen we, hoeveel positieve energie bouwen we op en hoe eerlijk zijn we naar onszelf over onze eigen vitaliteit?

Het is midden in de nacht als de telefoon gaat. De SEH arts presenteert een zieke, niet stabiele  vrouw met een acute buik. Het is duidelijk, ik ben nodig. Door de donkere stad rij ik de polder in op weg naar het ziekenhuis. Een uur later sta ik met het volledige OK team klaar voor de laparotomie. De time out procedure wordt gestart. Wie bent u, wat gaan we doen, wat is uw reanimatiecode, is alle apparatuur aanwezig etc etc? Ik kijk om me heen. Het team oogt vitaal en ondanks de lange avond die ze al achter de rug hebben zijn ze er klaar voor. Die vraag ontbreekt nog in de time out procedure: zijn we er klaar voor? Hebben we aandacht gehad voor onze vitaliteit zodat we ook deze lastige ingreep in het holst van de nacht op een verantwoorde manier kunnen uitvoeren? Er blijkt sprake van een geperforeerd divertikel en we doen een Hartman. Later in de koffiekamer evalueren we de ingreep. Het ging goed. Ik vraag naar wat ze tijdens de vakantie gedaan hebben. Mountainbiken in Oostenrijk, kitesurfen in Portugal, musea doorkruisen in Madrid, culinair rondreizen in Piemonte, bij alle verhalen zie ik de stralende ogen.

Na twee weken wordt patiënte naar huis ontslagen. Tijdens de visite dwalen mijn gedachten heel even af  naar de leden van het operatieteam en wat zij tijdens hun vakantie zoal deden. Patiënte zal nooit weten dat er die nacht een kitesurfende operatieassistent mede haar leven redde. Dat hoeft ook niet, als wij er maar voor zorgen dat we oog hebben voor elkaars vitaliteit. Denk er eens aan bij de eerst volgende time out procedure.

Jaarverslag 2014

Hierbij volgt het jaarverslag van 2014, verzorgd door en onder dankzegging aan collega L de Widt-Levert.

JAARVERSLAG en BELEIDSPLAN VAKGROEP CHIRURGIE

2014 

WATERLANDZIEKENHUIS PURMEREND

Inhoud:

1             Organisatie

2             Ontwikkeling op het vakgebied

3             Patiënten perspectief   

4             Kwaliteit en veiligheid

5             Optimaliseren van processen

6             Samenwerking

7             Overig

 

1 Organisatie

A : Maatschap

De vakgroep bestond uit de volgende personen: M.I. Amir, Th.A.A. van den Broek, P. Heres, P. Poortman, G.A. Vos, L.M. de Widt-Levert en vanaf 1 mei 2013 R. Schouten, Chef de Clinique bariatrische chirurgie.

 In 2014 was collega M.I. Amir medisch manager van de vakgroep Heelkunde (ThAA vd Broek waarnemer) en collega P. Poortman de voorzitter van de maatschap.

De vakgroep deelt het secretariaat met de vakgroep orthopedie. De voorzitter van de kostenmaatschap waaronder het secretariaat valt was collega Hillen, orthopeed.

Op de afdeling was een arts-assistent Heelkunde  (ANIOS; Mw. M.A. Broeren) werkzaam. De klinische afdeling heelkunde bestond uit 2 vaste units van 18 bedden, met een overloop op andere units in andere bouwdelen (m.n. B2). Op de kinderafdeling was naar behoefte een aantal bedden beschikbaar voor kinderchirurgische patiënten. Daarnaast waren er tot 12 bedden per dag op de afdeling Dagopname ter beschikking en zo nodig was er ruimte op de MC en IC.

Tijdens het jaar werden de plannen om te fuseren met het WFG te Hoorn verder uitgewerkt naast de diverse projectgroepen ook met diverse adviseurs. Mede om de fusie te vergemakkelijken hebben bijna alle specialismen (behalve KNO, radiologie en 1 dermatoloog) besloten in loondienst te gaan per 1 januari 2015.

De (parallelle) werkdagindeling was (exclusief acute chirurgische hulpverlening): 

  • 07.30-07.45u dienstvisite (bezoek in dienst opgenomen patiënten door dienstdoende chirurg)
  • 07.45-08.00u ochtendrapport en complicatiebespreking
  • 08.00-09.00u zaalvisites dagelijks  (weekend tussen 8.00-12.00)
  • 08.30-09.00u röntgenbespreking SEH
  • 08.00-12.00u operatiekamers sessie 1
  • 09.00-12.15u polikliniek spreekuur 1
  • 09.00-12.00u polikliniek verrichtingen 1
  • 12.30-13.30u werklunches zaalbezoek
  • 12.30-16.00u operatiekamers sessie 2
  • 13.30-16.30u polikliniek spreekuur 2
  • 13.30-16.30u polikliniek verrichtingen 2
  • 16.30-17.00u overdracht en indicatiebespreking
  • 17.00-19.00u (interdisciplinaire) besprekingen
  • 19.00-22.30u diverse vergaderingen w.o. maatschapsvergaderingen

B: samenwerking binnen zorgkern

Zoals hierboven al vermeld wordt, kan chirurgie niet worden uitgevoerd zonder een intensieve samenwerking met andere specialismen.

Met name met internisten, intensivisten, anesthesisten, SEH artsen en radiologen werd veelvuldig overlegd. Maar er is bijna geen specialisme dat geen enkele binding heeft met de heelkunde.

De samenwerking komt onder andere tot uiting in de diverse MDO’s hierboven genoemd.

Gestructureerde multidisciplinaire besprekingen:

Chir-interne                                           wekelijks

Esperanz oncologie                               2x per week ( voor spreekuur uit)

Esperanz GI                                          wekelijks

Esperanz longen                                            wekelijks

Esperanz mamma                                 wekelijks

Vaatbespreking                                     wekelijks

Mammabespreking                                wekelijks

PA/necrologie bespreking                     maandelijks

Schildklierbespreking                            maandelijks

IC bespreking                                       2x per week

SEH röntgenbespreking                        dagelijks

Bariatrie                                                wekelijks

Traumabespreking                                wekelijks

 

De vakgroep is laagdrempelig benaderbaar voor huisartsen. Richtlijnen voor wachttijden werden strikt gehandhaafd en waar nodig werden extra plekken gemaakt op de polikliniek/radiologie.

De verpleegkundige afdelingen snijdend werden eerder samengevoegd. Na een inwerkperiode lijkt dan in 2014 de samenwerking steeds beter te verlopen en de verpleegkundigen van de snijdende afdelingen meer all round geschoold om de zorg te bieden die nodig is.

 

c. Participatie in staf en ziekenhuisorganisatie

Hieronder staat een opsomming van deelname in diverse commissies.

Stafbestuur: G.A. Vos ( penningmeester)

Oncologie commissie: L.M. de Widt-Levert (voorzitter), M.I. Amir

BOKO: G.A.Vos (voorzitter)

Infectiecommissie: M.I. Amir, L.M. de Widt-Levert

Opleidingscommissie: L.M. de Widt-Levert

ICT commissie: P.Poortman

Decubitus commissie: P.Poortman

Stuurgroeplid Esperanz: M.I. Amir, L.M. de Widt-Levert

Werkgroeplid Esperanz: (apart long, GI, mamma) M.I. Amir, L.M. de Widt-Levert, P.Poortman, P.Heres

Commissie minimaal invasieve chirurgie: P.Heres

Commissie VIM: M.I.Amir

Geneesmiddelencommissie: M.I. Amir

SEH commissie: P. Heres

SVS: T.A.A. van den Broek (bestuur & financiële subcommissie collectief)

Stafcommissie kwaliteit: L.M. de Widt-Levert

Verzekeraars overleg: T.A.A. van den Broek

ROAZ: P.Heres en G.A.Vos


2. Ontwikkeling van het vakgebied

Medisch inhoudelijk

KLINIEK ;

Algemene Productiecijfers betreffende  de chirurgie.

 

                                   2013                           2014

 

Opnames                    2.050                                   2.056                

Verpleegdagen           10.962                        10.594

Verpleegduur              5,3                              5,2                    

Dagbehandeling         1.513                                   1.282

 

In deze cijfers valt op dat de bedden efficiënter gebruikt werden, meerdere opnames met kortere ligduur in dagbehandeling. Doordat de verzekeraar steeds meer aandoeningen onder niet verzekerde zorg rubriceert, is er een daling in de productie zichtbaar in gehele land voor bepaalde diagnosen.

Daarnaast is er een continue verschuiving van klinisch naar dagopname en de laatste jaren m.n. van dagopname naar een geheel poliklinisch behandeltraject.                        

De meeste ingrepen werden gegroepeerd in: traumatologie, vaatchirurgie, oncologische chirurgie, hernia-chirurgie , en hepatobiliaire chirurgie (voornamelijk cholecystectomieën), appendectomie, overige (abdominale) chirurgie, longchirurgie en bariatrische chirurgie.

In weken omgerekend blijft de wachttijd binnen de 'Treeknormen'. In het navolgende gaan we specifiek in op deelgebieden van de algemene heelkunde.

 

2.1 Traumatologie

De algemene traumatologie van veel voorkomende fracturen zoals bijvoorbeeld heup- en enkelfracturen, werd door alle chirurgen uitgevoerd. G.A. Vos en M.I. Amir waren in 2014 de traumatologisch gecertificeerde chirurgen die de meeste traumatologie, en de minder vaak voorkomende fracturen voor hun rekening namen, in goede samenwerking met de orthopeden die participeerden in de traumadiensten.

Volgens afspraak werd traumatologie op zaterdag, zondag maandag en dinsdag door de Heelkunde gedaan, en op woensdag, donderdag en vrijdag door orthopaedie. Mediale collumfracturen waarvoor een prothese is geindiceerd en intra-acticulaire fracturen rond kniegewricht werden a priori door afdeling orthopaedie behandeld.

In een gezamenlijke lunchbespreking elke dinsdag (samen met chirurgen, orthopeden, gipsmeesters en co/arts assistenten) werd alle traumatologie besproken.

 

2.2 Vaatchirurgie

Operaties:

De arteriële en veneuze vaatchirurgie werd uitsluitend uitgevoerd door G.A. Vos en Th.A.A. van den Broek.

De perifere arteriële chirurgie bleef stabiel. Voor de centrale vaatchirurgie behoort ook de techniek van endovasculaire protheses (EVAR) tot het pallet. Dotter (PTA) en stent ingrepen werden in samenwerking met de röntgenologen op de angiokamer uitgevoerd. Er is een multidisciplinaire flebologie spreekuur in samenwerking met de dermatologie en het vaatlab.

Diagnostiek: Vaatlaboratorium en Angiografie

Er werkten op het vaatlab in 2014 vijf geregistreerde vaatlaboranten, tezamen voor ongeveer 18 dagdelen per week. Dat waren: Mw. A. Pennekamp-Keet en Mw. S. Stoop-Lagerburg, Mw. M.Hoffs, Mw. J. Groot en Mw. S. van Dijk-Hansen. De 3 laatstgenoemden zijn opgeleid tot vasculair specialist. Hierdoor is het mogelijk dat ze deels zelfstandig maar altijd in samenspraak met de vaatchirurg de eerste intake doen van vaatpatiënten en ook routine follow up kunnen uitvoeren - uiteraard eveneens onder supervisie van een vaatchirurg.

Wederom  werd  het Vaatkeurmerk van de Nederlandse Vereniging voor Vaatpatiënten verkregen. Tevens werd het Keurmerk voor Varices Zorg verkregen vanuit meerdere gremia.

2.3 Oncologische Chirurgie

De oncologische chirurgie werd voornamelijk door 4 chirurgen uitgevoerd (Amir, Heres, Poortman en de Widt). Mamma-gerelateerde oncologische ingrepen werden uitsluitend door L.M. de Widt-Levert en P. Poortman gedaan, zijnde hun differentiatiegebied .

De prestatie indicatoren nu ook ingevoerd in NBCA (landelijke Dutch registratie systeem voor oncologie) voor mammacarcinomen, werden allen gehaald volgens de richtlijnen.

Het ‘roze lintje’ predicaat werd toegekend aan ons ziekenhuis door de BVN (Borstkanker Vereniging Nederland) en door verzekeraar Menzis werd het predicaat topzorg toegekend. Alle patiënten werden multidisciplinair besproken voor- en na de behandeling in het WLZ team, bestaande uit chirurg, internist, radioloog, patholoog, klinisch geneticus en nurse practitioner, en tevens binnen het Esperanz multidisciplinaire spreekuur (2 wekelijks) waarbij ook een radiotherapeut (uit VUMC) en klinisch genetica uit VUMC vertegenwoordigd waren. Helaas is de radiotherapeut uit VUMC niet meer lijfelijk aanwezig tijdens spreekuur op Esperanz locaties WLZ en ZMC (sinds 2012) vanwege de opening van de extra radiotherapie afdeling in WFG. In 2014 werd de plastische chirurgie tbv directe reconstructies bij mammaoncologie of complexe oncoplastische reconstructies wederom uitgevoerd door de VUMC. Helaas is daar eind 2014 een eind aan gekomen om verschillende redenen en zal vanaf 2015 een ander plastisch chirurgisch team ons ziekenhuis komen versterken op dit gebied.

Esperanz is een oncologisch samenwerkingsverband tussen Waterlandziekenhuis, (WFG) Westfries gasthuis in Hoorn, ZMC (Zaans Medisch Centrum) in Zaandam en VUMC. In dit kader werden de behandelingsprotocollen verder uitgewerkt binnen teams en vanuit de 3 ziekenhuizen zorgpaden opgesteld. Voor verdere informatie kunt u de website van Esperanz bezoeken.

Rondom deze mammapolikliniek werd de zorg mede begeleid door mw. T. Smit (nurse practitioner), en mammacare verpleegkundigen Linda Kleij, Ingrid Koopmans en Marianne Zandvliet.

Melanomen werden behandeld door multidisciplinair team waarin naast chirurg (de Widt of Poortman) ook dermatoloog (Brandsen) zitting had, en afhankelijk van stadium werd ook de internist-oncoloog betrokken bij behandeling.

Andere zeldzame weke delen maligniteiten werden behandeld in samenspraak met consulenten vanuit VUMC.

De MDO’s (ook met videoconferencing) werden gestructureerd en een aantal wekelijks op een middag gepland.

2.4 Gastro-intestinale Chirurgie

Maligniteiten van oesofagus werden conform de richtlijn van vereniging van Heelkunde, verwezen naar een centrum.

Pathologie van de maag betrof maagperforaties en maligniteiten. Binnen Esperanz werden maagresectie op locatie in WFG geopereerd door chirurg uit WLZ samen met chirurg uit WFG.

Wat betreft alle GI ingrepen was conform eerder ongeveer 1/3 een acute ingreep.

Deze ingrepen werden zorgvuldig geregistreerd en de maligne colorectale resecties ook ingevoerd in de landelijke DSCA (zie boven gastro-intestinale chirurgie). Hierin voldoen we aan de benchmark. De geplande (niet acute)  colorectale maligniteiten werden bijna allemaal laparoscopisch geopereerd.

Alle electieve colon patiënten werden volgens het ERAS (enhanced recovery after surgery) protocol behandeld. Mw C. Steur, verpleegkundig specialist, was de case manager van de GI patiënten met maligniteit. Dit heeft geleid tot aanzienlijke verbetering met name in logistiek, doordat vastgelegde zorgpad binnen Esperanz nu ook werd bewaakt. Patiënten met suspecte afwijkingen in colon kregen snel een afspraak op polikliniek en werden door multidisciplinair team bestaande uit chirurg, internist en nurse practitioner chirurgie ( tevens stoma deskundige), gezien op Esperanz spreekuur.

De stomazorg werd samen met de stoma verpleegkundige S. Pennekamp, C. Steur, M Steltenpoel en M. Stroet geboden.

De stoma verpleegkundige heeft een eigen spreekuur gesitueerd op de chirurgische poli, simultaan met een van de chirurgen. De heer Pennekamp is tevens gespecialiseerd in wondzorg, met eigen spreekuur en is een belangrijk aanspreekpunt op de klinische afdelingen en voor de thuiszorg.

2.5 Herniae

Zonder contra-indicatie worden in ons ziekenhuis de liesbreuken  endoscopisch behandeld (via TEP), anders via een open benadering via de Lichtenstein techniek.

Alleen collegae Heres, Schouten en Vos voerden de endoscopische techniek uit.

Alle chirurgen verrichtten operaties voor navelbreuk of hernia epigastrica. Collega Heres echter is gespecialiseerd in littekenbreuken en parastomale herniae. Liesbreuken bij kinderen werden behandeld door collega de Widt en collega van den Broek, die beiden het certificaat chirurgie bij kinderen voeren.

2.6 Hepatobiliaire chirurgie

De laparoscopische cholecystectomiëen werden door alle chirurgen veelvuldig uitgevoerd, standaard met 5 mm trocars.

In alle gevallen werden beelden vastgelegd van de operatie in het EPD.

2.7 Appendix chirurgie

In principe werden alle volwassenen en kinderen in opzet laparoscopisch behandeld

2.8 Bariatrische chirurgie.

Per 1 mei 2013 werd R. Schouten aangenomen als Chef de Clinique. Samen met collegae Heres en Poortman werd de gastric bypass techniek geïntroduceerd waarbij de 2 laatstgenoemde een traject doorliepen in Bergen op Zoom om de techniek te leren.

Er werd een bariatrisch centrum opgericht BAROS in samenwerking met Ramedical. Mw C Steur, verpleegkundig specialist is case manager. Op een multidisciplinair spreekuur bestaande uit chirurg, diëtiste, verpleegkundig specialist (check) worden de patiënten gezien en voorgelicht. Het werd een groot succes wat resulteerde in 180 gastric bypasses in 2014. Helaas heeft de grootste verzekeraar in onze regio geen contract willen afsluiten voor verdere groei, en zal dit zeer succesvolle endocrinologische deel van de chirurgie (namelijk direct effect op DM) in 2015 worden afgebouwd voor patiënten van Achmea.  Dit tot zeer grote teleurstelling van alle betrokkenen.

2.9 Intensive Care

De ICU stond in 2014 onder leiding van de intensivisten C Gowrising, M Ofner (waarnemer), T. Pistekova, R. Pieterse en J van der Klooster. Het betreft een closed format structuur waarbij 24 uur per dag een intensivist aanwezig is in het ziekenhuis. Voor een gedetailleerd verslag verwijzen wij graag naar het jaarverslag van de IC.

2.10 Dagverpleging

Alle dagbehandelingspatiënten zijn op WLZ locatie behandeld.

2.11 Longchirurgie

De longchirurgie werd gedaan door collega Amir en Vos die beiden het certificaat longchirurgie bezitten. Er was een goede samenwerking met WFG te Hoorn waarbij ook collega J.Joosten uit het WFG in het WLZ opereerde en vice versa. Vanaf 2013 werd de longoncologie vanuit Esperanz geopereerd op locatie WFG.

 

 

 

2.12 Hoofd-Hals

 

Operaties in het hoofd-hals gebied werden uitgevoerd door L.M. de Widt-Levert. In 2014 werd een maandelijkse schildklierbespreking voortgezet met de endocrinoloog (collega E.J.Verburg), en collega S.A. Srblijn (nucleair geneeskundige uit ZMC) , en soms meerdere internisten.

De NIM (neuro integrity monitoring system) werd standaard ingezet, waarbij peroperatief de nervus recurrens bij schildklieroperaties kan worden bewaakt.

T.a.v. bijschildklieroperaties werd standaard een vriescoupe verricht.

 

 

 

 

POLIKLINIEK

 

Consulten

 

Hier werd flexibel gekeken naar vraag en aanbod en daar waar nodig werden extra plekken gemaakt voor nieuwe patiënten, of vervangen door verrichtingen/operatie sessies zodat de wachttijd steeds acceptabel bleef.  Hierin wordt ook in 2014 een 3 maandelijks rooster gemaakt waarin diverse specialisten variëren in indeling van spreekuur en operatie programma’s. De herhaalcontroles blijven wel redelijk stabiel.

Door de verkorte klinische opnames en van klinisch naar poliklinisch geworden zorg behoeven patiënten gemiddeld meer poliklinische nazorg. Om hieraan tegemoet te komen werden alle klinische patiënten nagebeld, de dagbehandelingpatiënten altijd na 1 dag.

De spreekuren werden hierin ondersteund door poliassistenten, gespecialiseerde verpleegkundigen en vaatlaboranten.

 

 

Verrichtingen

 

Algemene productiecijfers

                                            2013                  2014

 

Polikliniektarief                    12.221               13.544

 

 

 

 

De bezoeken aan de gipskamer waren min of meer constant. De gipsverbandmeesters L.Engels, B. van Brussel, H. Op Den Kelder en S. Enriquez-Kramer hadden dagelijks spreekuur en werden ook regelmatig ingezet om op de operatiekamer hun diensten te verlenen aansluitend aan traumatologische operaties.

 

 


SEH (Spoed Eisende Hulp)

 

De HAP werd geopend in 2005 naast de SEH in het ziekenhuis. Sindsdien is de triage van patiënten verbeterd en de samenwerking tussen huisarts, SEH arts en specialist is goed.

De eerste hulp werd bemand door SEH artsen, waarvan vier KNMG geregistreerde SEH arts is. De overigen werkzame artsen waren AGNIO’s sommigen (2) met ruime klinische ervaring, en tevens één HAIO. Overdag is de bezetting steeds 2 SEH artsen en 1 HAIO (alleen doordeweeks), ‘s avonds 2 SEH artsen en ‘s nachts 1. E. Engelen SEH arts is medisch manager van de vakgroep in 2014. Mevrouw J. de Bont is medisch hoofd van de SEH.

 

 

Verpleegkundig/ medisch ondersteunend inhoudelijk

 

 

De afdeling chirurgie werd ondersteund door 2 nurse practitioners: T. Smit en C. Steur voor respectievelijk de mammazorg en GI en Bariatrie zorg.

Van de vaatlaboranten  hebben 3 van de 5 de opleiding vasculair specialist afgerond, wat de kwaliteit van de zorg en continuïteit zeer ten goed komt.

Er zijn diverse verpleegkundigen opgeleid in diverse aandachtsgebieden:

Wondzorg in de kliniek: Janneke Jonk, Monika Groot, Sjaak Pennekamp, Maarten Stroet en Cynthia Steur. Laatste 3 ook  stomazorg, waarvan de heer Pennekamp en mevrouw Steur een zelfstandig spreekuur hebben op de polikliniek. Pennekamp is ook gespecialiseerd  in diabetes zorg.

ETAS voorlichting werd gedaan door Stroet en Steltenpool. Monique Steltenpool ook specialisatie stomazorg, Erica van Veen diabetes zorg. Oncologie: Monique Steltenpool, Linda Kleij, Ingrid Koopmans, Evelien Dekker, Mirela Hussink, Marian Zandvliet. Linda Kleij is op polikliniek actief in begeleiding van oncologische patiënten en oncologische wondzorg.

Op de polikliniek kregen poliassistenten een aandachtsgebied.

 

 

Keuzes in portfolio

 

In 2014 werd de bariatrische chirurgie uitgebreid (zie boven). Dit wordt ingegeven door de landelijke toename van obesitas en groeiende ontwikkelingen op dit vakgebied waarbij er een verschuiving heeft plaatsgevonden op gebied van chirurgische technieken richting gastric bypass.

 

De DICA (Dutch Clinical Audit) maakt het mogelijk om te kunnen benchmarken met andere ziekenhuizen. In nauw overleg met de IKNL en de Esperanz werkgroepen werden de resultaten besproken.

 

In 2014 werd een nieuw EDP geïntroduceerd HIX meer compatibel met omringende ziekenhuizen (met name WFG wat fusie makkelijker maakt) en waarin meer mogelijkheden zijn voor complicatie registratie en registeren van DICA parameters.

 

Het IKNL stond Esperanz bij met benchmarken van de oncologie in de regio en binnen Esperanz. Vanaf 2015 zal dit voor mamma oncologie geheel voor de NBCA worden gedaan door IKNL. Ongeveer 2/3 van de ziekenhuizen hebben dit afgesproken in Nederland.

 

 

Productieontwikkeling

 

 

In een landschap waarin verzekeraars steeds meer met ziekenhuizen beperktere contracten zullen aangaan en waarin patiënten niet meer alle behandelingen vergoed krijgen, zullen we bepaalde zorg/ingrepen minder vaak uitvoeren. Ook het eigen risico stijgt, waardoor mensen hun operaties zullen willen uitstellen. Dit is een landelijke tendens. Door samen te werken met anderen in de regio hopen we hierop meer te kunnen inspringen. Dit kan betekenen dat de 1,5 lijns zorg met de huisartsen meer vorm gaat krijgen.

 

 

 

 

Investeringen

 

Op de OK werden diverse verbeteringen ingevoerd: operatietafels en beademingsapparatuur werd deels vervangen.

 


3. Patiëntenperspectief

 

  1. Optimalisatie patiëntenbeleving

 

Zorgdomein

Feedback vanuit de patiënten werd besproken en op basis daarvan werden aanpassingen gemaakt. Via zorgdomein kan vanaf 2012 door de HA een afspraak worden gemaakt zodat o.a. meer rekening kon worden gehouden dat de patiënt bij de juiste dokter een afspraak kreeg.  Via de ‘nabel’ rondes van de afdeling werd waardering hiervoor teruggekoppeld. Ook kon laagdrempelig met de afdeling gebeld worden door de patiënt, en worden overlegd met een bij de patiënt en zijn situatie betrokken verpleegkundige.

Met HIX kan de huisarts lezen wat wij in het patiëntendossier hebben opgeschreven.

Zo nodig werd dan ook met de chirurg overlegd. Dit werd beter ervaren dan een bezoek aan de HAP/SEH post, waarbij na urenlang wachten uitleg werd gegeven door een in het geheel niet bij de patiënt betrokken dokter. Er vonden structureel spiegelgesprekken plaats waarin de patiënt tegenover het gehele behandelteam zijn ervaringen met het ziekenhuis deelde. Dit werd als zeer constructief ervaren voor alle partijen.

Leerling-verpleegkundigen werden begeleid in voorbereiden van casuïstiek besprekingen van patiënten van de afdeling. Er waren bijna wekelijks voordrachten op het niveau van, en mede voor afdelingsverpleegkundigen en coassistenten, in het kader van de opleiding voor coassistenten.

 

 

  1. Optimalisatie relatie huisartsen

 

Al jaren wordt bij operatie direct een bericht verzonden naar de huisarts, dit geldt ook voor  re-operaties (digitaal). In bijzonder gevallen werd niet geaarzeld om telefonisch de huisarts of diens vervanger op de hoogte te brengen.

De wens van de huisarts om beter op de hoogte te worden gebracht van eventuele complicaties werd hierin tegemoet gezien.

Middels Zorgdomein werden verbeterpunten opgesteld. Ook in 2014 vonden er ronde tafel gesprekken plaats met de huisartsen.

 

 

4. Versterken van kwaliteit en veiligheid (KV)

 

  1. Organisatie van KV management

 

 

 

Het bespreken van klachten en claims werd een vast agendapunt op de maatschapvergaderingen.

 

Calamiteiten werden uitvoerig besproken, en er werd kritische gekeken naar de definitie van calamiteit.

Complicaties werden geregistreerd en besproken enkele malen per week bij de overdracht in bijzijn van arts- en co-assistenten.

Binnen de staf werden er (verplicht! Kwaliteitseis) calamiteiten besproken 3x per jaar.

Sommige casus werden voor onderwijsdoeleinden uitvoerig besproken, waarbij niet alleen medisch inhoudelijk maar ook op communicatief niveau een analyse werd gedaan.

Er werd veel aandacht besteed aan bedside teaching.

Tevens werd er een trendanalyse gedaan van een aantal ziektebeelden met hun complicaties en vond er een structurele bespreking (complicatie bespreking) plaats tijdens diverse maatschapsvergaderingen.

 

 

  1. Verbeterdoelstellingen

 

Het is ons doel om KV transparanter te maken voor iedereen en met name voor de patiënt.

 

De HSMR (hospital mortality rate) registratie werd structureel aangepakt door collega Schouten en gecontroleerd zodat de registratie hiervan nu enorm is verbeterd en daaruit blijkt dat de uitkomst van ons ziekenhuis zeer goed is.

Door het nieuwe EPD (HIX) zal dit nog beter geanalyseerd kunnen worden.

 

De overall morbiditeit en mortaliteit zouden we nog verder omlaag willen brengen. Bij analyse van calamiteiten ziekenhuisbreed blijkt dat de communicatie en overdracht vaak een struikelblok is. Op dit punt werd gekeken naar verdere verbetering. Overdrachten kregen meer structuur en werden schriftelijk vastgelegd voor de dienstdoende collega in avond en weekenduren.

Door vergaande subspecialisatie binnen de vakgroep is er al sprake van betere zorg. Voor vaatchirurgie is dit nu 24/7 gerealiseerd. Voor de traumatologie en gastro-intestinale chirurgie zouden we dit ook willen realiseren in samenwerking met vakgroep(en) in andere ziekenhuizen. Dat dit een enorme extra belasting oplevert is hiervan een logisch gevolg, en wordt al als zodanig ervaren door de vaatchirurgen.

Niet alleen binnen het ziekenhuis maar ook naar buiten toe zouden we meer zichtbaar willen tonen wie we zijn, wie van ons welke aandachtgebieden heeft en waarin we ons onderscheiden. Ook buiten de grenzen van ons ziekenhuis wordt gezocht naar samenwerking.

Door een flexibel beddensysteem is het gelukt om meer efficiënt en goedkoper om te gaan met vraag en aanbod van bedden en personeel.

Naar aanleiding van VIM analyses volgden diverse acties. Het betrof met name medicatie, logistieke zaken en patiëntenvoorlichting.

 

In samenwerking met de apotheek werden de afspraken rond ontslagmedicatie geoptimaliseerd. Tevens werd de checklist van opname tot ontslag voor acute en electieve zorg geheel ingevoerd.

 

 

Andere verbeterpunten op de afdeling chirurgie die werden opgepakt, zijn: bediening van apparatuur, voorbehouden handelingen en risicovolle handelingen. Voor de oncologische zorg werden extra verpleegkundigen opgeleid, zodat we voldoen aan de SONCOS normen waarin 50% van de verpleegkundigen is opgeleid in oncologie op de afdelingen waar deze patiënten verblijven.

 

  1. Evaluaties, cyclus kwaliteitsvisitaties/verbeterpunten

 

De vakgroep heelkunde werd gevisiteerd in 2011. Verbeterpunten daarin zoals een dagelijks Röntgenfoto bespreking samen met de radiologie, van SEH patiënten, werden ingevoerd direct in 2011.

De bovengenoemde SONCOSnormen eisen ook dat diverse gespecialiseerde specialisten betrokken zijn bij oncologische patiënten en aanwezig op de diverse MDO’s. In 2014 werden de Esperanz MDO’s geherschikt en volgen we de normen.

 

  1. Risico inventarisatie en management

 

Interne audits hebben plaatsgevonden en de verbeterpunten zijn volgens de PCDA cyclus aangepakt. Een voorbeeld hiervan is dat er een lasercommissie is ingesteld om de veiligheid van o.a. de polimedewerkers tijdens de laserbehandelingen te evalueren en beter te kunnen garanderen.  Ook is er een audit gedaan op de polikliniek over omgaan met gevaarlijke stoffen.

Twee van de afdelingsmedewerkers namen zitting in de ziekenhuis voedingscommissie waardoor met name ondervoeding al snel wordt opgespoord (poliklinisch) en behandeld.

De indicatoren waren een speerpunt voor 2014 resulterend in betere registratie en feedback. De afdeling werd gerenoveerd om hygiënische redenen. Door diverse audits uit te voeren en scholing op gebied van o.a. wondzorg, voeding, oncologie, vaatchirurgie etc, mogelijk te maken voor de afdeling, is verbetering een continu proces.

 


5. Optimaliseren van processen

 

  1. Zorgpaden

 

Bestaande zorgpaden werden ge-update. In Esperanz overleg werden de zorgpaden voor de oncologie en implementatie hiervan verder uitgebreid.

 

  1. Andere zorg- en werkprocessen

 

De VIM procedure zal meer aandacht krijgen zodat er minder grote drempels zijn om te ‘VIMmen’ en om te zorgen dat er daadwerkelijk verbeteringen worden ingevoerd naar aanleiding van de meldingen.

 

6. Samenwerking met andere ziekenhuizen, zorginstellingen en andere stakeholders

 

De vergaande plannen om met de vakgroep Heelkunde van WFG te fuseren liepen helaas in 2012 vast. Het samenvoegen van de contracten van loondienst en vrijgevestigde vakgroepen bleek niet eenvoudig.

Intussen werd een fusiemodel tussen WFG en WLZ (Watergast) verder onderzocht. In diverse werkgroepen werden scenario’s gemaakt van modellen van samenwerking. Dit proces heeft er in 2014 toe geleid dat onze vakgroep in loondienst is gegaan per 1-1- 2015.

 

Via Esperanz werden verdere afspraken (SLA’s) gemaakt met de VUMC op gebied van oncologische zorg.

 

 


7. Overig

 

Certificering: collegae Amir en Vos hebben certificaat longchirurgie.

Collegae Vos en vd Broek bezitten het certificaat vaatchirurgie met aantekening min-invasieve interventies.

Collegae Poortman, Schouten, Heres, Amir en de Widt bezitten het certificaat gastro-intestinale chirurgie.

Het certificaat oncologische chirurgie is in bezit van collegae Poortman en de Widt.

Van den Broek en de Widt hebben certificaat chirurgie bij kinderen.

Voor traumatologie werd het certificaat verkregen door Amir en Vos.

 

 

Alle chirurgen hebben nascholing gevolgd op de eigen deelgebieden welke wordt bijgehouden via GAIA, waarbij het aantal te behalen punten voor herregistratie elke 5 jaar makkelijk gehaald zal worden.

 

 

Zitting commissies buiten ziekenhuis

 

ThAA vd Broek             Lid van richtlijncommissie Veneuze insufficiëntie   namens NVvH en NVvV

                          Lid Kascommissie Dutch College of Phlebology

 

LM de Widt-Levert      NNvH commissie patiëntveiligheid

                                   ROO (Adviesraad) Pfizer

 

 

 

 

 

 

Publicaties en spreker op congres/symposium

 

1.      Outcomes After Open Repair for Ruptured Abdominal Aortic Aneurysms in Patients with Friendly Versus Hostile Aortoiliac Anatomy

S.C. van Beek, J.J. Reimerink, A.C. Vahl, W. Wisselink, J.A. Reekers, D.A. Legemate, R. Balm, on behalf of the Amsterdam Acute Aneurysm Trial Collaborators: Waterlandziekenhuis; T.A.A.van den Broek, G.A.Vos. European Journal of Vascular and Endovascular Surgery 47: (2014) 380-387.

 

2.      Effect of regional cooperation on outcomes from ruptured abdominal aortic aneurysm. S.C. van Beek, J.J. Reimerink, A.C. Vahl, W. Wisselink, J.A. Reekers, N. van Geloven, D.A. Legemate and R. Balm on behalf of the Amsterdam Acute Aneurysm Trial Collaborators: Waterlandziekenhuis; T.A.A.van den Broek, G.A.Vos. Wiley Online Library (www.bjs.co.uk). DOI: 10.1002/bjs.9518 (2014).

3.      Reviewer for the European Journal of Vascular Surgery, EJVES 2010-2015

 

 

4.      Intestinal malrotation and volvulus in adult life. Haak BW, Bodewitz ST, Kuijper CF, de Widt-Levert LM.

Int J Surg Case Rep. 2014;5(5):259-61. doi: 10.1016/j.ijscr.2014.02.013. Epub 2014 Mar 13.

 

 

5.      PICC verhoogt kans op trombose. C.E. van den Dool, N.R. Kohli, L.M. de Widt-Levert. Oncology Up to date 2014:5;5.

 

 

 

Voordracht: op diverse symposia binnen ziekenhuis en daarbuiten voor Esperanz werden voordrachten verzorgd door de vakgroepleden.

 

 

Deelname aan studies:

 

 

Er werd deelgenomen aan diverse studies, waarvan de oncologische in samenwerking met Esperanz trialbureau.

 

Onderwijs:

 

Het onderwijs werd uitgebreid en meer gestructureerd in 2013. Aanspreekpunt voor de coassistenten en het onderwijs zijn per 2014 collega Schouten en de Widt.

 

De vakgroep leidt co-assistenten op aan begin van de co-schappen op de afdeling (duur 8 weken) en aan eind van de co-schap periode op de polikliniek (duur 4 weken). Gemiddeld waren er 3 poli-co’s en 2 tot 3  zaal-co’s.

 

Behalve gedurende de overdracht om 7.45 en 16.30, bestaat onderwijs ook uit dagelijks indicatiebespreking bij de overdracht. Daarnaast wordt bij de visite uitgebreid aandacht gegeven aan bedside teaching. Zie verder ook het dagschema.

 

Voor de zaalco’s is er gelegenheid op de operatiekamer te participeren naast het zaalwerk. De poli-co’s doen mee met polikliniek en kleine verrichtingen spreekuren en kunnen daarnaast meelopen op gipspoli en indien rooster dit toelaat ook op orthopaedie en urologie.

 

Wekelijks verzorgd een van de chirurgen wetenschappelijk onderwijs in kleine kring. Daarnaast is er 1x per 2 weken een Message of the Week sessie waarbij een van de coassistenten een korte presentatie geeft, de alternerende week erna is er een presentatie van een chirurg met aansluitend bedside teaching.

Elke coassistent presenteert tenminste 1x een case-gebonden wetenschappelijke verdieping, die ook voor de afdelingsverpleegkundigen is bedoeld.

 

Gemiddeld 4x per jaar vindt er een Breakfastclub plaats waarbij een arts- of coassistent een kort referaat houdt over vb een zelfgekozen recent artikel tijdens heerlijk ontbijt om 7.30.

 

Daarnaast is er ziekenhuisbreed een maandelijks onderwijsmoment met lunch verzorgd door een vakgroep binnen het ziekenhuis, bedoeld voor alle coassistenten in het ziekenhuis.

 

Vanaf 2014 werden ook weekenddiensten ingevoerd en een mondeling examen voor de zaal coassistenten.

 

 

 

 

In het Ziekenhuisbeleidsplan voor de komende jaren staan een aantal zaken centraal zoals:

 

 

  1. Organisatie in een andere modus brengen
  2. Patiëntenperspectief centraal stellen
  3. Versterken van kwaliteit en veiligheid
  4. Investeren in mensen
  5. Realiseren van resultaat door portfoliomanagement
  6. Realiseren van resultaat door kostprijsverlaging
  7. Verbeteren van de infrastructuur

 

Een toelichting:voor het  versterken van kwaliteit en veiligheid werd de Surpass op de operatiekamer volledig geïmplementeerd. Dit werd door de inspectie in 2011 gecontroleerd en naar volle tevredenheid bevonden. De checklist werd verder aangepast ziekenhuisbreed voor alle snijdende specialismen. Door de diverse stopmomenten is de patiëntveiligheid nu beter gewaarborgd.

 

Het streven is om de richtsnoeren pijnregistratie, ondervoeding en hygiëne voorschriften bij minstens 90% van de patiënten volgens  het vastgelegde protocol uit te hebben gevoerd. In 2011 werd standaard in alle bedkamers handenalcohol geplaatst.

 

Een speerpunt is om de afdeling  volledig te laten werken volgens de NEN 7500 (gedragsregels).

 

De geëffectueerde zorgpaden werden doorgelicht ten aanzien van efficiëntere bedrijfsvoering, dit is een continu proces wat steeds doorgaat.

Er zijn structurele besprekingen met het kernteam met vaste agendapunten zoals het jaarplan, NIAZ, VMS, IGZ, aandachtsgebieden en operationele zaken.

 

Er werd een meerjaren scholingsplan gemaakt voor de medewerkers van afdeling en polikliniek door het afdelingshoofd. De chirurgen zorgen voor onderwijs voor co- en arts assistenten en worden ook betrokken bij de onderwijscarrousel van de verpleegkundigen.

Tenslotte zullen al deze actiepunten steeds geëvalueerd worden om te constateren dat ze daadwerkelijk zijn doorgevoerd.

 

In HIX moet mogelijk worden dat de complicatie registratie ziekenhuisbreed wordt verbeterd. Dit wordt in 2015 verder uitgewerkt.

 

 

8 Verantwoording en Dank

 

Dit jaarverslag zal in 2014 gepubliceerd worden op de Chirurgische Internet-Site ( HYPERLINK http://www.heelmeester.nl). Daarnaast zal het verslag aan enkele derden, en per interne mail aan diverse belanghebbenden en geïnteresseerden in het Waterlandziekenhuis worden toegezonden.

 

Indien u aan- of opmerkingen heeft zien wij die graag tegemoet t.a.v.:

Secretariaat Heelkunde WLZ, e-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. (Postbus 250, 1440 AG Purmerend).

 

 

 

 

L.M. de Widt-Levert

bariatrie terugkom dag 5 nov 2014

Op 5 november 2014 vond de eerste terugkom dag / avond plaats van patienten die geopereerd zijn in verband met hun overgewicht. Het betrof alleen patienten uit de eigen screening en niet de patienten die via Ramedical in het Waterlandziekenhuis zijn geopereerd.

Er was sprake van een goede opkomst. De nurse practitioner Cynthia Steur was coordinator en kondigde de verschillende sprekers aan. Collega Schouten sprak namens de bariatrisch chirurgen en gaf nog enkele toelichtingen over de aard van de ingreep en de noodzaak van het gebruik van medicatie en van levenslange controle. Hierna gaven diverse dietistes nog eens uitleg over het verstandig omgaan met voedsel en met name werd gefocust op hoe om te gaan met de komende feestdagen en hoe je leuk mee kan doen met de diners ondanks de gastric bypass.

Hierbij gaf de psychologe nog adviezen hoe je je mentaal weerbaar kan maken naar je omgeving waar lang niet altijd begrip is voor de situatie van een gastric bypass patient, ook al is dit meestal niet vervelend bedoeld.

Tevens  was er een ervaringsdeskundige die elders een aantal jaren geleden al een bypass had ondergaan en zij vertelde enthousiast hoe haar leven ten goede was gekeerd door haar gewichtsverlies. De aanwezigen in de zaal konden vragen stellen en ervaringen delen en hier werd gretig gebruik van gemaakt.

Cynthia Steur besloot de avond nadat ze de aanwezigen nog had verblijd met het behaalde gezamenlijke resultaat van 320kg gewichtsverlies...!!LaughingLaughing

bariatrie terugkom dag 2014

Voor meer foto's van de avond kunt u hier kijken.

Vieze gewoonte

30 september 2014 – Hare Majesteit Koningin Máxima heeft vanmiddag in Amsterdam Micropia geopend. Micropia is ’s werelds eerste museum waar de onzichtbare wereld van micro-organismen zichtbaar wordt gemaakt. Koningin Máxima zette haar onzichtbare handafdruk om deze wereld voor het publiek te ontsluiten.

Inmiddels kan het wel bekend verondersteld worden dat ons lichaam en dus ook onze handen, ontelbare microorganismen huisbergt (1,5kg!). Als medisch student doe je het bekende proefje hiertoe waarbij je je hand in een kweekschaal plaatst en je je vervolgens verbaast over de groei van het aantal kolonies bacterien. Nog verbazingwekkender is overigens dat het plaatsen van je hand in de kweekschaal na het wassen van je handen een nog veel grotere groei laat zien. Dit is te verklaren doordat het -niet al te langdurige- wasproces de bacterien uit de diepte van de porien van de huid omhoog woelt. Pas na langdurig wassen en gebruik van sterkere antiseptische middelen zoals alcohol, vermindert het aantal kolonies dat groeit. De handen spelen dus een belangrijke rol in het overbrengen van potentieel gevaarlijke micro-organismen. Zonder dat hij het precieze mechanisme wist heeft Ignaz Semmelweis dat rond 1850 al aangetoond. Zie hierover het onderstaande stukje dat ontleend is aan Wikipedia.

Ignác Fülöp (of: Ignaz PhillipSemmelweis (Boeda1 juli 1818 – Wenen13 augustus 1865) was een Hongaarse arts in het Keizerrijk Oostenrijk. Hij staat tegenwoordig bekend als de vader van de antiseptische methode.

Semmelweis kwam in 1844 werken bij het Allgemeines Krankenhaus in Wenen. Het was een nieuw academisch ziekenhuis met twee kraamafdelingen. Op de ene afdeling werden vroedvrouwen opgeleid, op de andere onder leiding van dr. Johan Klein werden medisch studenten in de verloskundebekwaamd. Kraamvrouwenkoorts was een veelvoorkomende ziekte waaraan tot wel 25% van de kraamvrouwen in ziekenhuizen in die tijd overleed. De sterfte op de vroedvrouwenafdeling was een factor 4 lager dan die op de academische opleiding waar de medisch studenten de bevallingen deden.

Omdat de kraamzaal door de medische studenten bezocht werd aansluitend op anatomiecolleges, veronderstelde Semmelweis dat "lijkstof" in de bloedsomloop de boosdoener zou kunnen zijn. Hij verlangde dat iedereen zijn handen in bleekwater zou wassen voordat er onderzoek op de kraamzaal gedaan zou worden. Halverwege 1847 daalde de sterfte van 18% in mei tot onder de 1% in augustus.

Het duurde echter nog tot rond 1890 voor zijn ideeën over antiseptisch onderzoek ingang vonden. Pas na de ontdekking door Louis Pasteur van de bacterie kreeg zijn methode de nodige theoretische onderbouwing. Het was Joseph Lister die Semmelweis postuum de eer gaf die hem toekwam.

Gewapend met de hierboven genoemde moderne (Maxima) kennis en de oude Semmelweis theorie is het dan ook eigenlijk heel vreemd dat de normale begroetingsvorm in de westerse wereld bestaat uit het delen van elkaars micro-organismen door het geven van een hand bij een begroeting, ook al ken je elkaar niet. Het gaat medisch gezien weliswaar meestal goed, dankzij een gezonde gezondheidssituatie van de gever en ontvanger, maar als die goede gezondheid er niet is, wordt het dubieus. Zo'n situatie is eigenlijk per definitie aanwezig in een ziekenhuis en toch wordt het uit fatsoensnormen nodig geacht dat gezondheidswerkers en patienten elkaar netjes een hand geven. 

Preventie staat echter hoog in het vaandel en het zou van een veel hogere fatsoensnorm en respect voor de medemens getuigen als de potentieel gevaarlijke handdruk achterwege zou blijven. Wel begroeten natuurlijk, maar dat kan ook anders zoals we kunnen leren van onze Aziatische mede wereldburgers: handpalmen met gestrekte vingers tegen elkaar en een lichte buiging van het bovenlichaam. 

Tijdens mijn poli spreekuur hanteer ik deze begroetingswijze al geruime tijd. Uitleg erbij is nodig, ondanks het briefje hierover dat bij de balie hangt. Begrip is er vrijwel altijd en op een enkele uitzondering na vindt men het ook heel logisch. Implementatie is moeilijk, want het geven van handen is deel van onze cultuur. Buiten de relatieve vanzelfsprekendheid van mijn poli lukt het mij ook lang niet altijd, dus ik maak me geen illusies over de landelijke invoering hiervan....

Maar in deze tijd van kwaliteits keurmerken in ziekenhuizen hebben we hier wel een aanradertje, toch??

Pieter Heres

Een bittere pil

De zuster in de nachtdienst wordt gevraagd bij mevrouw x die de dag ervoor een ongecompliceerd verlopen galblaasoperatie heeft ondergaan. "wat is er aan de hand?" vraagt de zuster. " nou, ik ben ineens een beetje misselijk geworden". De zuster schijnt met haar nachtlampje eens op het gezicht van de patiënt en constateert een gele verkleuring rond de mond die ze niet meteen goed thuis kan brengen. "hoe komt dat zo denkt u?" vraagt de zuster. "nou, het is gekomen nadat ik die pillen heb ingenomen, maar die heb ik ook snel weer uitgespuugd". Hierbij wijst patiënte naar het potje op haar nachtkastje waar eerder op die dag haar chirurgisch verwijderde galstenen nog in prijkten.....