Port-a-cath
beeldverhaal

Implanteerbaar toedieningssysteem

Uw arts heeft u een behandeling voorgeschreven waarbij regelmatige toediening van medicatie of andere vloeistoffen direct in een bloedvat noodzakelijk is. Er is u  een implanteerbaar toedieningssysteem, genaamd Port-A-Cath, aanbevolen.

De Port-A-cath systemen worden volledig implanteerbare toedieningssystemen genoemd omdat ze volledig onder de huid geplaatst worden, meestal op een goed geschikte maar onopvallende plaats op uw borst. Het toedieningssysteem maakt het gemakkelijk om herhaaldelijk toegang te verkrijgen tot de bloedbaan waarbij er minder beschadiging van bloedvaten optreedt. 

Het voordeel van een implanteerbaar systeem

De unieke eigenschap van een implanteerbaar systeem is, dat dit geheel onder de huid wordt geplaatst. Dankzij de plaatsing geniet u vrijwel volledige bewegingsvrijheid. Wanneer het systeem op zijn plaats zit, kan herhaaldelijk toegang worden verkregen tot de bloedbaan zodat op eenvoudige wijze en met minder ongemak therapie gegeven of bloed afgenomen kan worden.  

Beschrijving van het implanteerbare systeem

Het systeem is een kunststof of metalen kastje met een diameter van ongeveer 2-3 cm, met een enigszins opstaande rubber injectieplaats die het membraan van het systeem wordt genoemd.
Omdat het membraan opstaat, is het gemakkelijk te identificeren op het oppervlak van uw huid, zodat injecties snel en gemakkelijk kunnen plaatsvinden. Het membraan is vervaardigd van een siliconenmateriaal dat zichzelf na elk gebruik weer afdicht. Dankzij dit materiaal kan het membraan vele honderden malen worden aangeprikt met een speciale naald.
A
an het voetstuk van het reservoir is een dunne flexibele slang aangebracht, een katheter geheten. De katheter wordt over het algemeen in een groot bloedvat ingebracht.

Plaatsing van het implanteerbare systeem

Alhoewel de situatie voor elke persoon anders ligt, wordt het systeem over het algemeen ingebracht tijdens een korte chirurgische ingreep die onder plaatselijke verdoving wordt verricht. U wordt hiervoor opgenomen op afdeling dagbehandeling. De ingreep vindt in de operatiekamer plaats.
Wanneer de plaatsing in de ochtend geschiedt, mag u een licht ontbijt nuttigen en dient u daarna nuchter te blijven. Wanneer de plaatsing in de middag plaatsvindt mag u ontbijten en tot 12.00 uur nog lichte voeding nuttigen. Daarna dient u nuchter te blijven. Over het algemeen wordt de ingreep in de middag verricht.

Let op: vooraf is niet bekend hoe laat u geholpen wordt. De ingreep kan ook aan het einde van de middag plaatsvinden.

Twee uur voor de plaatsing ontvangt u van de verpleegkundige antibiotica. Ongeveer 30 minuten voor de plaatsing ontvangt u van de verpleegkundige een rustgevend medicijn d.m.v. een injectie.
Tijdens de ingreep maakt de chirurg twee kleine incisies (huidsnedes). De katheter wordt via een incisie in het bloedvat geplaatst en vervolgens onder de huid naar de andere incisie getunneld. De katheter wordt aan het systeem bevestigd.


Er wordt een röntgenfoto gemaakt om te controleren of de katheter zich op de juiste plaats in het bloedvat bevindt. Er zijn soms een paar hechtingen nodig om de poort te fixeren wanneer het systeem eenmaal op zijn plaats zit.

Nazorg direct na implantatie

Bij het plaatsen van de Port-A-Cath kan er een complicatie optreden. Het systeem wordt namelijk in de nabije omgeving van de long geplaatst. Hierdoor kan er een zogenaamde ‘klaplong’ ontstaan. Dit houdt in dat er vocht/lucht tussen de longbladen kan komen. De klachten kunnen kortademigheid en/of pijn zijn. Hiervoor wordt ter controle ongeveer een uur na het implanteren een longfoto gemaakt.
Wanneer u de eerste dagen na de implantatie toch nog kortademigheid of pijnklachten ontwikkelt dient u met de oncologieverpleegkundige of de arts contact op te nemen.
Na de ingreep kan de huid die over het systeem heen ligt, gezwollen en gevoelig zijn. Deze irritatie zal verdwijnen naarmate de incisies genezen. Het systeem kan onmiddellijk worden gebruikt, maar uw arts kan ook wachten totdat de zwelling is afgenomen.
Tijdens de eerste paar dagen na de ingreep is het van belang dat u geen zware inspanning of belastende activiteiten verricht.

Gebruik van het implanteerbare systeem

Met een speciale naald (Huberpointnaald) kan de verpleegkundige door de huid het midden van het membraan aanprikken. Via deze naald kan de Port-a-Cath voor allerlei doeleinden worden gebruikt, zoals het toedienen van vloeistoffen, bloedproducten, medicijnen en voor het afnemen van bloedmonsters .
De toediening van medicijnen kan in een kort tijdsbestek worden verricht of over een langere tijd plaatsvinden. Als uw medicatie over langere tijd wordt gegeven, blijft de naald op zijn plaats  en wordt deze met een steriel verband afgedekt en volgens protocol met bepaalde tussenpozen vervangen.
Wanneer de naald eenmaal is verwijderd, is er geen verband meer nodig.
 

Onderhoud van het implanteerbare systeem

Omdat het systeem geheel onder de huid wordt geïmplanteerd, vereist het minimale aandacht. U kunt gewoon douchen, een bad nemen, zwemmen en lichamelijke oefening verrichten zoals u altijd doet, zonder dat u zich zorgen hoeft te maken over eventuele beschadiging. Wanneer de huid na de operatie is genezen, is het niet nodig de plaats van het systeem met een verband af te dekken.
Eenmaal per 4 weken moet het systeem doorgespoten worden om te zorgen dat het goed doorgankelijk blijft. Het doorspuiten vindt plaats op de afdeling dagbehandeling.
Het systeem kan op zijn plaats blijven zolang als nodig is voor uw medische behandeling. Wanneer uw arts heeft bepaald dat uw poort niet meer nodig is, kan het systeem tijdens een korte chirurgische ingreep
worden verwijderd. 

Controle van het implanteerbaar systeem

Het is goed om de plaats van het systeem zelf regelmatig te onderzoeken. Wanneer de eerste gevoeligheid en zwelling na de ingreep afgenomen zijn, dient u de oncologie verpleegkundige of de arts op de hoogte te stellen als u een nieuwe zwelling, verkleuring, roodheid, pijn, koorts of ander ongemak opmerkt.

De gewenste naaldlengte en naalddikte

De verpleegkundige (klinisch of poliklinisch) die de eerste keer het toedieningssysteem aanprikt beoordeelt welke naaldlengte/naalddikte het beste bij u gebruikt kan worden. U dient bij elke opname de behandelwijzer mee te nemen zodat er steeds duidelijkheid is over de gegevens van de gewenste naaldlengte en naalddikte.
Hieronder zal de verpleegkundige vermelden welke naaldlengte/naalddikte en eventuele verdere bijzonderheden voor u gelden: 

Naaldlengte:

Naalddikte:

 

Overzicht doorspuiten port a cath

Datum

afdeling waar doorgespoten is

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

entree / terug