Positron Emissie Tomografie
(PET)

Een PET-onderzoek geeft informatie over de stofwisseling (op een bepaalde plek in uw lichaam). In de cellen van het lichaam worden bepaalde voedingsstoffen gebruikt, bijvoorbeeld eiwitten en suikers. Een PET-camera kan dergelijke voedingsstoffen in beeld brengen wanneer ze radioactief zijn gemerkt. Deze stoffen kunnen, nadat ze in een laboratorium radioactief zijn gemaakt, aan een patiënt in kleine hoeveelheden toegediend worden. De toegediende stof verdeelt zich, afhankelijk van de stofwisseling, in het lichaam. Met behulp van een PET-camera en computer kan de verdeling in beeld worden gebracht. Afwijkingen van de normale stofwisseling, zijn op deze manier zichtbaar te maken.
Voor PET-onderzoek wordt een kleine hoeveelheid radioactieve stof gebruikt. Welke stof en de toegediende hoeveelheid is afhankelijk van het uit te voeren onder zoek, maar in de meeste gevallen te vergelijken met de hoeveelheid straling die ieder mens in een jaar uit de natuurlijke achtergrond straling ontvangt. De stoffen hebben geen bijwerkingen en zijn na korte tijd volledig uit het lichaam verdwenen. Ze zijn niet van invloed op uw reactievermogen, zodat u na afloop gewoon aan het verkeer deel kunt nemen.
Met behulp van dit onderzoek is het mogelijk om diverse ziekteprocessen in het lichaam op te sporen. Bij al deze processen wordt gekeken naar plaatselijke veranderingen in de stofwisseling. In combinatie met uw andere medische gegevens kan de nucleair geneeskundige deze beelden interpreteren. Aan de hand daarvan kan uw behandelend arts een antwoord op zijn/haar vraag krijgen.
Van het onderzoek wordt een rapport gemaakt. Dit wordt opgestuurd naar de arts die de scan heeft aangevraagd: van hem/haar krijgt u de uitslag bij een volgend bezoek.
laatst bijgewerkt 14-12-04